Technische specificatie · versie van 14 oktober 2026
LEX SUPREMA — volledige specificatie
Architectuur, dimensionering, beveiliging, beheer en randvoorwaarden van het on-premises AI-platform. Geschreven voor CISO’s, IT-managers, functionarissen gegevensbescherming en inkoop.
01 — Productdefinitie en scope
Een AI-werkomgeving, geen beslissysteem
Het platform produceert onderbouwde concepten en analyses die een bevoegd professional beoordeelt en vaststelt. Het brengt vier lagen samen op één beheerde infrastructuur: een redeneerlaag met lokaal gehoste taalmodellen en een versiebeheerde instructieset, een kennislaag met alle documenten en bronnen inclusief bronverwijzing tot op passageniveau, een toegangslaag die bepaalt wie welk dossier en welke functies mag raadplegen, en een beheerlaag voor monitoring, auditlogging, back-up en modelbeheer.
| Inzet | Dossieranalyse, bewijsmatrices, procedurele audits, jurisprudentieonderzoek, AVG-inzageverzoeken, DPIA-ondersteuning, kennisontsluiting |
| Primaire doelgroep | Advocatenkantoren (strafrecht), juridische afdelingen, privacy- en FG-praktijken, gemeenten, zorg- en veiligheidsdomein |
| Dataresidentie | 100% op eigen apparatuur; egress standaard dicht op firewallniveau |
| Modellen | Open-weight LLM’s (70B–235B klasse) plus embedding-, reranker-, OCR- en optioneel spraakmodellen, lokaal gehost |
| Schaal | Tier 1: 5–15 gelijktijdige gebruikers · Tier 2: 25–75 · Tier 3: 100–500+ |
| Doorlooptijd | 6–12 weken van levering tot productie, afhankelijk van het aantal databronnen |
Systeemgrenzen
| Grens | Invulling |
|---|---|
| Netwerk | Geïsoleerd VLAN-segment; uitgaand internetverkeer standaard geweigerd. Updates via een gecontroleerde, geautoriseerde artefactspiegel of fysieke media. |
| Data | Documenten, afgeleide indexen, prompts, antwoorden en logs blijven binnen de beheerde opslag van de organisatie. |
| Modellen | Uitsluitend open-weight modellen met een licentie die lokale inzet toestaat; geen aanroepen naar externe modelaanbieders. |
| Gebruikers | Alleen geauthenticeerde medewerkers en, optioneel, expliciet uitgenodigde externen in een afgeschermde werkruimte. |
| Verantwoordelijkheid | Het systeem levert concepten; vaststelling, indiening en advisering blijven bij de bevoegde professional. |
Uitdrukkelijk buiten scope
Het systeem is geen advocaat en claimt geen verschoningsrecht of beroepsgeheim uit eigen hoofde — dat rust op de behandelende advocaat. Het neemt geen juridische beslissingen, dient niets in en communiceert niet namens de organisatie met rechtbanken, het OM of wederpartijen. Het genereert geen kanspercentages of procesvoorspellingen zonder onderbouwde statistische basis. Zonder internettoegang kan het geen externe bronnen live verifiëren: jurisprudentie en wetteksten komen uit een periodiek bijgewerkte lokale bronnenbibliotheek, en niet-geverifieerde verwijzingen worden als zodanig gelabeld.
02 — Functionele capabilities
Vijf versiebeheerde kennislagen, dertien modules
De inhoudelijke werking zit in instructielagen die per vraag automatisch worden geactiveerd; het platform kiest de laag op basis van rechtsgebied, procesfase en gegevenstype.
| Laag | Domein | Activering |
|---|---|---|
| I | Materieel strafrecht en werkmethode | Elke strafrechtelijke vraag |
| II | Dossieranalyse en processtrategie | Bij aanlevering van een dossier of processtuk |
| III | Gespecialiseerde delicten en vrijheidsbeperkende maatregelen | Belaging, bedreiging, mishandeling, dwang, huisvredebreuk, vernieling, contact- en gebiedsverboden |
| IV | Cassatie, Hoge Raad en EVRM | Cassatievragen, mensenrechtelijke toetsing |
| V | Privacy: AVG, Wpg, Wjsg | Persoonsgegevens, inzageverzoeken, surveillance, politiegegevens, schadevergoeding |
Modules en hun output
| # | Module | Wat de module oplevert |
|---|---|---|
| 1 | Adversarial Legal Reasoning | Analyse vanuit verdediging, OM en rechter, samengevoegd tot één realistische strategie |
| 2 | Deep Case Analysis | Documentinventarisatie, volledigheidstoets, chronologie, verdenkingen per feit, onderzoeksplan |
| 3 | Evidence Matrix | Per delictsbestanddeel: bewijsmiddel, bron, standpunt OM, standpunt verdediging, betrouwbaarheid, bewijskracht, hiaten |
| 4 | Contradiction Detection | Tegenstrijdigheden in tijd, plaats, verklaringen en digitale data, geclassificeerd naar juridisch gewicht |
| 5 | Procedural Defense Audit | Controle op aanhouding, vrijheidsbeneming, cautie, bijstand, bevoegdheden, machtigingen en termijnen |
| 6 | Jurisprudence Intelligence | Relevante uitspraken met instantie, datum, ECLI, rechtsregel, overeenkomsten en verschillen |
| 7 | Strategic Defense Engine | Scenario’s vrijspraak, partiële vrijspraak, OVAR, procedureel verweer en strafvermindering, elk met risicoprofiel |
| 8 | Forensic Investigation Protocol | Controle op herkomst, integriteit, hashwaarden, metadata, tijdsynchronisatie en chain of custody van digitaal bewijs |
| 9 | Witness Examination Strategy | Verhoorplan per getuige met neutrale, gerichte vragen |
| 10 | Red Team Legal Review | Onafhankelijke tegenanalyse vóór elk definitief advies |
| 11 | Professional Legal Drafting | Processtukken volgens Nederlandse conventies, altijd gemarkeerd als concept |
| 12 | Continuous Legal Quality Control | Controle op wetsversie, geldigheid van rechtsregels, juistheid van ECLI’s en consistentie |
| 13 | Final Defense Advisory | Conclusie, sterkste verweer, grootste risico, strategie, acties, open vragen, bronnencontrole |
Laag V — privacy en gegevensbescherming
Bepaling van het toepasselijke regime vóór elke conclusie: AVG, Wet politiegegevens, Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens of een bijzondere sectorale regeling. Inzage-, correctie- en verwijderingsverzoeken met ontvankelijkheid, termijnen, uitzonderingsgronden, lakbeleid en volledigheidsbeoordeling. Analyse van privacyinbreuken en surveillance, inclusief grondslag, noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit. Ondersteuning bij DPIA’s, verwerkingsregisters, verwerkersovereenkomsten en datalekbeoordeling. Immateriële schadevergoeding met grondslag, onderbouwing en relevante rechtspraak. En gecombineerde analyses waarin strafrechtelijke en privacyrechtelijke sporen elkaar raken, bijvoorbeeld bij onrechtmatig verkregen bewijs of politiegegevens in een strafdossier.
03 — AI-architectuur
Een lokale inferentieserver met routering per taaktype
De kern bedient meerdere open-weight modellen tegelijk: een groot redeneermodel voor analyse, kleinere modellen voor classificatie en extractie. Modelkeuze is een beslissing per implementatie en per releasemoment — de inferentielaag is modelonafhankelijk, en modellen worden per versie vastgelegd, getest en vrijgegeven.
| Rol | Modelklasse | Grootte | Waarom |
|---|---|---|---|
| Hoofdredeneermodel | Open-weight instructmodel, dense of mixture-of-experts | 70B–235B | Meerstaps juridisch redeneren en lange context |
| Werkpaardmodel | Open-weight instructmodel | 8B–32B | Samenvatten, extractie, classificatie, routering; veel hogere doorvoer |
| Embeddingmodel | Meertalig, Nederlands sterk | 300M–600M | Semantisch zoeken over Nederlandstalige dossiers |
| Reranker | Cross-encoder | 300M–600M | Verhoogt de precisie van retrieval aanzienlijk tegen lage kosten |
| OCR / document | Vision- of layoutmodel | 1B–8B | Gescande processen-verbaal, handgeschreven aantekeningen, tabellen |
| Optioneel: spraak | Automatische spraakherkenning | 1B–2B | Transcriptie van verhoren, tapgesprekken, zittingsopnames |
Inferentiestack
Serving
Productie-inferentieserver met continuous batching, paged attention en tensor-parallellisme over meerdere GPU’s. Dit is het verschil tussen één gebruiker en vijftig gelijktijdige gebruikers op dezelfde hardware.
Kwantisatie
FP8 of 4-bit gewichtskwantisatie waar de kwaliteitsimpact aantoonbaar aanvaardbaar is, gemeten op een eigen juridische evaluatieset. Een afweging, geen automatisme: bij juridische analyse weegt precisie zwaarder dan snelheid.
Contextvenster
128k tokens als werkbare ondergrens voor dossierwerk; grotere contexten alleen waar de hardware het KV-cachebudget aankan. Zeer grote dossiers gaan via retrieval en hiërarchische samenvatting, niet in één context.
Routering
Een gateway kiest per verzoek het juiste model, de juiste laaginstructie en het juiste autorisatiefilter, en dwingt quota en prioriteiten per gebruikersgroep af.
Agentische uitvoering
Meerstapstaken draaien als gecontroleerde werkstromen met expliciete tussenstappen die in het auditlog landen — niet als één ondoorzichtige prompt.
Finetuning
Optioneel en uitsluitend lokaal: LoRA- of QLoRA-adapters op geanonimiseerde of gepseudonimiseerde documenten, met expliciete grondslag en vastgelegde afweging. In de meeste gevallen levert betere retrieval meer kwaliteitswinst dan finetuning, tegen een fractie van het risico.
Hallucinatiebeheersing — vijf overlappende maatregelen
- Verankering in bronnen. Antwoorden worden gegenereerd op opgehaalde passages; elke bewering draagt bron, pagina en passage.
- Citaatverificatie achteraf. Een aparte controlestap toetst of elk citaat en elke ECLI in de geïndexeerde bron voorkomt. Niet-verifieerbare verwijzingen worden verwijderd of gemarkeerd.
- Tegenanalyse. De Red Team-module stelt vaste vragen over ontbrekende feiten, onbewezen aannames en te stellige conclusies.
- Weigeren boven gissen. Bij onvoldoende bronmateriaal benoemt het systeem het hiaat in plaats van het te vullen.
- Continue evaluatie. Een groeiende evaluatieset met Nederlandse juridische vragen en door een jurist gecontroleerde antwoorden draait bij elke modelwissel; resultaten worden bewaard zodat kwaliteitsregressie zichtbaar wordt.
04 — Documentpipelines
De autorisatie van het bronsysteem reist mee met het document
Bronconnectoren
| Bron | Koppelwijze | Bijzonderheden |
|---|---|---|
| Netwerkschijven (SMB/NFS) | Read-only mount, incrementele scan | Meest voorkomende startpunt |
| Documentmanagementsysteem | API of database-replica | ACL’s worden meegelezen en bewaard |
| E-mail (Exchange, IMAP) | Read-only postvakkoppeling | Bijlagen worden apart geïndexeerd |
| Praktijk- of zaaksysteem | API of read-replica | Levert dossierstructuur en matter-ID’s |
| Object storage (S3-compatibel) | Native, lokaal gehost | Aanbevolen doelopslag voor werkduplicaten |
| Wet- en jurisprudentiebronnen | Periodieke, gecontroleerde import | Offline bijgewerkt; versiedatum vastgelegd |
| Scan- en multifunctionals | Watched folder | Levert gescande processen-verbaal |
Tien verwerkingsstappen
Retrieval
Hybride retrieval is de norm: vectorzoeken vangt de betekenis, lexicaal zoeken vangt wat juristen daadwerkelijk intypen — artikelnummers, ECLI’s, namen, kenmerken. De resultaten worden samengevoegd en door een reranker gehaald. Metadatafilters op dossier, periode, documenttype en gevoeligheid. Het autorisatiefilter staat vóór de rerankstap, zodat een gebruiker nooit een snippet ziet van een document dat hij niet mag inzien: een harde eis, geen instelling. Citatiecoördinaten lopen terug tot document, pagina en tekstpositie.
Herindexering en versiebeheer
De pipeline is idempotent: elk document kan opnieuw worden verwerkt zonder duplicaten, en de index houdt bij met welke embeddingmodelversie elke chunk is gemaakt. Bij een modelwissel kan selectief worden herindexeerd in plaats van alles opnieuw te doen. Reken voor een volledige herindexering van 10 miljoen pagina’s op een nacht tot enkele dagen, afhankelijk van het formaat.
05 — IAM en autorisatie
Het autorisatiemodel bepaalt welke documenten überhaupt in de context van het model terechtkomen
Dat is het verschil tussen een AI-tool en een datalek met een chatvenster.
Identiteitsbeheer
Centrale identity provider on-premises met OIDC en SAML 2.0, zodat bestaande accounts uit Active Directory, LDAP of Entra ID gekoppeld worden zonder dat wachtwoorden het platform bereiken. SCIM-provisioning volgt de HR- of AD-mutatie: een vertrekkende medewerker verliest toegang op het moment van uitdiensttreding, niet bij de volgende audit. Verplichte multifactorauthenticatie, met voorkeur voor phishing-bestendige methoden (WebAuthn/FIDO2) voor beheerders en gevoelige dossiers. Sessiebeleid met korte tokenlevensduur, herauthenticatie bij gevoelige handelingen en automatische afmelding bij inactiviteit.
Drie stapelende lagen
| Laag | Wat het regelt | Voorbeeld |
|---|---|---|
| RBAC — rolgebaseerd | Wat een functie mag | Een advocaat-stagiair mag geen modellen beheren |
| ABAC — attribuutgebaseerd | Wat de context toestaat | Gevoeligheidsniveau 3 alleen vanaf een beheerd apparaat op het kantoornetwerk |
| ReBAC — relatiegebaseerd | Wat de relatie tot het object toestaat | Alleen leden van dossierteam X zien dossier X |
De relatiegebaseerde laag is voor de advocatuur de belangrijkste: toegang hangt af van dossierbetrokkenheid, niet van functietitel. Een beleidsmotor evalueert elke retrievalvraag tegen dit model voordat er ook maar één chunk wordt opgehaald.
Functies die juridische organisaties specifiek nodig hebben
06 — Security-architectuur
Zeven zones, deny-by-default, egress geweigerd op firewallniveau
| Zone | Inhoud | Toegestaan verkeer |
|---|---|---|
| Gebruikerszone | Werkplekken, kantoornetwerk | Alleen HTTPS naar de applicatiegateway |
| Applicatiezone | Gateway, webinterface, IAM, beleidsmotor | Naar inferentie- en datazone; geen internet |
| Inferentiezone | GPU-knooppunten, modelservers | Alleen inkomend vanuit de applicatiezone; geen uitgaand verkeer |
| Datazone | Vectordatabase, objectopslag, relationele database, index | Alleen vanuit applicatie- en verwerkingszone |
| Verwerkingszone | Ingestie, OCR, embedding workers | Read-only naar bronsystemen; schrijft naar de datazone |
| Beheerzone | Monitoring, logging, back-up, secrets, OOB-management | Gescheiden VLAN, aparte authenticatie |
| Sluiszone | Gecontroleerde update- en importvoorziening | Enige plek met beperkte, geautoriseerde externe toegang — of volledig fysiek via media |
Maatregelen per laag
Netwerk
Microsegmentatie met deny-by-default tussen zones. Uitgaand verkeer vanuit inferentie- en datazone geblokkeerd en gealarmeerd. DNS-filtering met een interne resolver zonder externe forwarders. Netwerk-IDS op de zonegrenzen.
Opslag
Volledige schijfversleuteling (LUKS2 of equivalent) met sleutels in een HSM of TPM met meetbare boot. Versleutelde back-ups met een aparte sleutelhiërarchie. Objectopslag met object lock voor onveranderlijke audittrails.
Transport
TLS 1.3 overal, ook tussen interne componenten; onderling vertrouwen via wederzijdse certificaatauthenticatie met een interne, kortlevende certificaatuitgifte.
Host
Secure Boot, gemeten boot via TPM 2.0, minimale installatie, verplichte toegangscontrole op kernelniveau (SELinux of AppArmor), geen interactieve inlog op knooppunten behalve via een beheerde bastion, automatische beveiligingsupdates vanaf een interne spiegel.
Werklastisolatie
Containers zonder verhoogde rechten, read-only bestandssystemen, afgedwongen resourcelimieten. Voor code-uitvoering of onvertrouwde bestanden een extra sandbox-runtime in een eigen netwerksegment zonder toegang tot de datazone.
Geheimen en toeleveringsketen
Centrale secrets-kluis met dynamische, kortlevende referenties; geen wachtwoorden in configuratiebestanden of images. Alle containerimages en modelbestanden komen uit een interne registry, zijn ondertekend en hebben een vastgelegde herkomst en hash; modelgewichten worden bij elke start op hash gecontroleerd.
AI-specifieke risico’s
| Risico | Maatregel |
|---|---|
| Prompt injection via documentinhoud | Documentinhoud wordt als data behandeld, nooit als instructie; instructies komen uitsluitend uit de vastgelegde lagen en de ingelogde gebruiker |
| Data-exfiltratie via modeluitvoer | Egress dicht; geen uitgaande hyperlinks of resource-ophaling vanuit gegenereerde content |
| Ongeautoriseerde retrieval | Autorisatiefilter vóór retrieval, niet erna |
| Geheugenlekkage tussen gebruikers | Geen gedeelde conversatiestatus; context wordt per sessie opgebouwd en na afloop opgeruimd |
| Modeldiefstal | Gewichten versleuteld at rest, alleen leesbaar door de serviceaccount van de inferentieserver |
| Ongewenste training op cliëntdata | Geen training standaard; finetuning alleen op expliciet aangewezen datasets met vastgelegde grondslag |
07 — Modulariteit en uitbreidbaarheid
Vier uitbreidingspunten op een stabiele basis
Een nieuwe toepassing is een configuratiewijziging, geen nieuw project.
| Uitbreidingspunt | Wat je toevoegt | Wat je niet hoeft aan te raken |
|---|---|---|
| Modelregister | Een nieuw taalmodel, embeddingmodel of visiemodel | Gateway, IAM, pipelines, UI |
| Bronconnectoren | Een nieuw bronsysteem of databasekoppeling | Modellen, autorisatiemodel, infrastructuur |
| Kennislagen | Een nieuw rechtsgebied of vakdomein als instructielaag | Alles daaronder |
| Werkruimtes | Een los AI-project met eigen data, model en gebruikers | De rest van het platform |
Kennislagen: welke wetgeving kan worden toegevoegd
Niet uitputtend. Elk corpus dat als wettekst, besluit, richtlijn en jurisprudentie is aan te leveren, kan worden geïndexeerd en als versiebeheerde instructielaag in de werkmethode worden ingebouwd. Lagen worden per stuk gekozen en begroot; geen enkele laag zit standaard in de levering.
| Cluster | Bronnen |
|---|---|
| Wetboeken | Grondwet · Burgerlijk Wetboek, boeken 1–10 · Wetboek van Strafrecht · Wetboek van Strafvordering, oud en nieuw · Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering · Algemene wet bestuursrecht · Algemene wet inzake rijksbelastingen · Wetboek van Koophandel · Faillissementswet |
| Straf- en sanctierecht | Opiumwet · Wet wapens en munitie · Wegenverkeerswet 1994 · Wet op de economische delicten · Penitentiaire beginselenwet · Wet forensische zorg · Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden · Wet internationale misdrijven · WETS en WOTS · Sanctiewet 1977 |
| Gegevensbescherming | AVG en UAVG · Richtlijn 2016/680 · Wet politiegegevens · Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens · Telecommunicatiewet · Wiv 2017 · Archiefwet · Wet open overheid · Wet digitale overheid · Wabvpz |
| Bestuur en overheid | Gemeentewet · Provinciewet · Omgevingswet en onderliggende besluiten · Participatiewet · Aanbestedingswet 2012 · gemeentelijke en provinciale verordeningen · mandaat- en delegatiebesluiten · beleidsregels |
| Zorg en sociaal domein | Wmo 2015 · Jeugdwet · Wvggz · Wet zorg en dwang · Wet BIG · Wkkgz · Wgbo · Zorgverzekeringswet · Wlz |
| Arbeid en migratie | BW boek 7 titel 10 · WAB · Arbowet · Wet arbeid vreemdelingen · Vreemdelingenwet 2000 · Wet arbeidsmarkt in balans en uitvoeringsregelingen |
| Financieel en toezicht | Wet op het financieel toezicht · Wwft · Pensioenwet · Wet toezicht trustkantoren · DORA · MiCA · beleidsregels van DNB en AFM |
| Europees recht | EVRM en het Handvest · AI-verordening · NIS2 en de Cyberbeveiligingswet · CER en de Wwke · Data Act · Data Governance Act · DSA en DMA · e-Privacy · EUR-Lex-bronnen |
| Beroeps- en tuchtrecht | Advocatenwet · Verordening op de advocatuur en de gedragsregels · Wet op het notarisambt · Gerechtsdeurwaarderswet · tuchtrechtspraak · Aanwijzingen en Richtlijnen voor strafvordering van het OM · LOVS-oriëntatiepunten |
| Jurisprudentie en normen | Hoge Raad, hoven en rechtbanken op ECLI · Raad van State · CRvB en CBb · EHRM en HvJ EU · besluiten van de Autoriteit Persoonsgegevens · parlementaire geschiedenis · Staatsblad en Staatscourant · BIO, NEN 7510, ISO 27001 · cao’s |
| Eigen materiaal | Interne richtlijnen, modellen en beslisbomen · huisconventies voor processtukken · aanbestedingsvoorwaarden · eerdere adviezen en pleitnota’s · niet-juridische corpora voor een losse werkruimte |
Doorlooptijd van een uitbreiding
| Uitbreiding | Typische doorlooptijd | Afhankelijk van |
|---|---|---|
| Nieuwe werkruimte voor een los project | dagen | Autorisatiegroep en bewaartermijn vastgesteld |
| Bronconnector op een bekend systeemtype | 1–2 weken | API-toegang en de ACL-structuur van het bronsysteem |
| Eigen richtlijn of modellenset als laag | 1–2 weken | Aangeleverd en actueel materiaal |
| Nieuw rechtsgebied inclusief bronimport | 2–6 weken | Omvang van het corpus en de vakinhoudelijke validatie |
| Nieuw model in productie, getest en vrijgegeven | 1–3 weken | Evaluatieset en beschikbaar GPU-geheugen |
Dit zijn doorlooptijden ná oplevering van het platform, bij aangeleverde bronnen, en zonder herindexering van het hele archief. Ze zijn gebaseerd op de modulaire opzet, niet op een gemeten gemiddelde over implementaties. De vakinhoudelijke validatie — een evaluatieset die een specialist in dat rechtsgebied samenstelt en controleert — loopt parallel en bepaalt in de praktijk de einddatum; die inspanning wordt apart begroot.
Ondersteunde datatypen naast documenten
Relationele databases via read-replica’s met schema-bewust zoeken. Tijdreeks- en loggegevens voor forensische en operationele analyses. Audio en video via lokale transcriptie, met tijdcodes die als bronverwijzing bruikbaar zijn. Beeldmateriaal met lokale OCR en objectherkenning, zonder externe beeldverwerkingsdiensten. Geostructuur en tijdlijnen voor chronologiereconstructie.
Open standaarden als voorwaarde voor exit
OpenAI-compatibele inferentie-API, S3-compatibele objectopslag, PostgreSQL of een andere open database als systeem van registratie, OIDC/SAML voor identiteit, OpenTelemetry voor telemetrie en containerimages op een open registry. Documenten blijven in hun oorspronkelijke formaat; de index is altijd opnieuw op te bouwen uit de bron. Bij beëindiging houdt de organisatie hardware en data in eigen beheer, zonder dat een leverancier een sleutel in handen heeft.
08 — Hardware-dimensioneringsmodel
Niet de modelgrootte maar de KV-cache bepaalt hoeveel gebruikers een machine aankan
De maat van de machine volgt uit drie grootheden: hoeveel GPU-geheugen het model plus de gelijktijdige gesprekken vragen, hoeveel pagina’s er per etmaal verwerkt moeten worden, en hoeveel gebruikers er tegelijk actief zijn. Wie veel gelijktijdige gebruikers wil op lange dossiercontexten, koopt GPU-geheugen, geen rekenkracht.
VRAMtotaal ≈ W + Ngelijktijdig × Ctokens × kKV × 1,15
W is het gewichtsgeheugen, C het contextvenster, k het KV-cacheverbruik per token, en 1,15 de ruimte voor activaties en fragmentatie.
Stap 1 — GPU-geheugen
| Post | Vuistregel |
|---|---|
| Gewichten FP16 | 2 GB / miljard |
| Gewichten FP8 | 1 GB / miljard |
| Gewichten 4-bit | ca. 0,6 GB / miljard |
| KV-cache per token (70B, GQA, FP16) | ca. 0,3 MB |
| KV-cache per token, FP8 | ca. 0,15 MB |
| Activaties en fragmentatie | +15% |
Rekenvoorbeeld: een 70B-model in FP8 met 128k context en FP8 KV-cache vraagt circa 70 GB aan gewichten en circa 20 GB KV-cache per volledig gevulde sessie. Eén GPU van 96 GB draait het model maar nauwelijks één lange sessie; twee kaarten geven 192 GB en daarmee ruimte voor vijf tot zes gelijktijdige lange sessies, of enkele tientallen korte.
Stap 2 — Gelijktijdigheid
Juridisch gebruik is burst-achtig: iemand stelt een vraag, leest twee minuten, stelt een volgende vraag. Reken op 12–20% gelijktijdigheid in normaal gebruik en een piekfactor van ongeveer drie. Batchverwerking wordt buiten kantooruren ingepland en telt niet mee in de piek.
| Benoemde gebruikers | Gelijktijdig actief | Piek |
|---|---|---|
| 15 | 2–3 | 6 |
| 50 | 6–10 | 18 |
| 150 | 18–30 | 50 |
| 500 | 50–90 | 150 |
Stap 3 — Opslag, per miljoen pagina’s
| Brondocumenten, gescand | 150–300 GB |
| Brondocumenten, digitaal geboren | 20–60 GB |
| Geëxtraheerde tekst | 3–5 GB |
| Chunks en metadata | 5–10 GB |
| Vectorindex (1024 dim., HNSW) | 8–15 GB · 2–4 GB met int8 |
| Lexicale index | 10–20% van de tekst |
| Auditlogs | 1–5 GB / maand / 100 gebruikers |
Vermenigvuldig de som met drie voor werkruimte, snapshots en herindexering, en reserveer back-upcapaciteit apart. Een kantoor met 10 miljoen pagina’s dossierarchief komt zo uit op 8–12 TB bruikbare primaire opslag.
Stap 4 — Doorvoer van de ingestie
| Verwerkingswijze | Pagina’s/sec |
|---|---|
| OCR op GPU, moderne modellen | 5–20 |
| OCR op CPU, klassieke engine | 0,2–0,5 per kern |
| Embedding op GPU | 200–1.000 chunks |
| Tekstextractie zonder OCR | 50–200 |
OCR is de traagste schakel en de reden dat de eerste indexering weken kan duren bij te weinig capaciteit. Een initiële indexering van 5 miljoen gescande pagina’s kost op één GPU ruwweg drie tot elf dagen onafgebroken draaien. Plan daarvoor tijdelijk extra capaciteit, of accepteer een gefaseerde uitrol per dossierarchief.
Stap 5 — CPU, werkgeheugen en netwerk
09 — Hardwareconfiguraties per tier
Drie standaardconfiguraties, compleet geleverd
De hardware wordt door ons geleverd, geplaatst, gehard en ingericht; de bedragen hieronder zijn turnkey, inclusief installatie en implementatie. Losse componentprijzen staan er niet bij omdat ze per offerte verschillen — de specificatie per component staat er wel, zodat u de configuratie kunt laten toetsen of elders kunt navragen.
Wat de levering omvat
Inbegrepen: hardware en transport · plaatsing in rack, bekabeling en inbedrijfstelling · besturingssysteem, harding en secure boot · netwerksegmentatie en firewallregels inclusief de egressblokkade · platforminrichting met IAM, opslag, monitoring en back-up · koppeling van de overeengekomen bronsystemen inclusief ACL’s · activering van de overeengekomen kennislagen · opbouw van de evaluatieset · acceptatietests · opleiding van gebruikers, dossierverantwoordelijken, beheerders en de FG · het volledige documentatiepakket · overdracht aan uw beheerder.
Niet inbegrepen: de serverruimte of een colocatiecontract · stroom en koeling · een eventuele verbouwing van de technische ruimte · het doorlopend beheer na overdracht, in zelfbeheer of als apart beheercontract · onderhoudscontracten van de hardwareleverancier · softwarelicenties met een eigen abonnementsvorm · jaarlijkse pentest.
Tier 1 — Starter · één server · 5–15 gebruikers
| Component | Specificatie |
|---|---|
| Chassis | 2U GPU-server, NVIDIA-gecertificeerd, redundante voeding (2× 2.000–2.700 W, titanium) |
| GPU | 2× NVIDIA RTX PRO 6000 Blackwell Server Edition, 96 GB GDDR7, PCIe 5.0 x16, passief gekoeld, 600 W per kaart |
| CPU | 1× AMD EPYC 9004/9005-serie, 32 kernen, of Intel Xeon 6 equivalent |
| Geheugen | 512 GB DDR5 ECC RDIMM |
| Opslag | 2× 960 GB NVMe M.2 in RAID 1 (systeem) · 4× 7,68 TB NVMe U.2 mixed use in RAID 10, circa 15 TB bruikbaar |
| Netwerk | Dual 25 GbE SFP28 + 1 GbE out-of-band |
| Beveiliging | TPM 2.0-module, Secure Boot, chassisdetectie |
| UPS | 3 kVA online double conversion, rackmount |
Indicatieve ordegrootte compleet geleverd en geïmplementeerd: € 60.000 – € 95.000, waarvan € 36.000 – € 55.000 hardware. Geen hoge beschikbaarheid: bij uitval van de server ligt het systeem stil. Voor een eerste implementatie is dat vaak aanvaardbaar, mits expliciet besproken.
Tier 2 — Professional · klein cluster · 25–75 gebruikers
| Component | Specificatie |
|---|---|
| GPU-knooppunten | 2× 4U server, elk 4× RTX PRO 6000 Blackwell Server Edition (96 GB) — 768 GB GPU-geheugen totaal; per knooppunt 2× EPYC met 48–64 kernen per socket en 1 TB DDR5 ECC |
| Opslag- en databaseknooppunten | 3× 2U server, elk 2× 32 kernen, 512 GB RAM, 8× 7,68 TB NVMe — cluster met circa 60 TB bruikbaar |
| Beheerknooppunt | 1× 1U server voor IAM, monitoring, logging en secrets |
| Netwerk | 2× 100 GbE switch (redundant), 1× 1 GbE beheerswitch, bekabeling |
| Rack, PDU en UPS | 42U rack, 2× schakelbare PDU met metering (32 A per feed), UPS 10–15 kVA met bypass |
| Back-upsysteem | Apart knooppunt met 100 TB bruto, onveranderlijke opslag |
Indicatieve ordegrootte compleet geleverd en geïmplementeerd: € 270.000 – € 450.000, waarvan € 206.000 – € 326.000 hardware. Draait meerdere modellen tegelijk: een 70B-hoofdmodel met ruime gelijktijdigheid, een 32B-werkpaard, embedding en OCR, naast capaciteit voor een tweede AI-project. Knooppunten zijn redundant.
Tier 3 — Enterprise · 100–500+ gebruikers
| Component | Specificatie |
|---|---|
| GPU-platform | HGX-platform met 8× H200 (141 GB HBM3e) of 8× B200, NVLink-gekoppeld; of 4× server met 8× RTX PRO 6000 Blackwell |
| Secundaire inferentie | 2× server met 4× RTX PRO 6000 Blackwell voor embedding, OCR en kleine modellen |
| Opslagcluster | Gedistribueerd bestandssysteem, 300–500 TB bruikbaar, NVMe-laag plus capaciteitslaag |
| Controlevlak | 3× knooppunt voor Kubernetes-control plane, IAM en beleidsmotor, in HA |
| Netwerk | Redundante 100/400 GbE spine-leaf, apart opslagnetwerk, apart beheernetwerk |
| Racks, PDU, UPS | 2–3 racks, redundante voeding, 40–60 kVA UPS |
| Back-up en DR | Tweede locatie met asynchrone replicatie |
Indicatieve ordegrootte compleet geleverd en geïmplementeerd: vanaf circa € 900.000, waarvan € 775.000 – € 1.680.000 hardware. Bij dit formaat bepaalt de omvang van het opslagcluster en het aantal databronnen de spreiding grotendeels; een bandbreedte heeft hier weinig betekenis zonder vooronderzoek.
Keuzelogica voor de GPU
| Optie | Geheugen | Verbruik | Wanneer kiezen |
|---|---|---|---|
| RTX PRO 6000 Blackwell Server Edition | 96 GB GDDR7 | 600 W | Beste verhouding geheugen per euro voor inferentie; passief gekoeld, voor serverchassis |
| H200 NVL / SXM | 141 GB HBM3e | 600–700 W | Zeer hoge geheugenbandbreedte; nodig bij grote modellen en hoge gelijktijdigheid |
| L40S | 48 GB GDDR6 | 350 W | Goedkoper per kaart, maar het geheugen wordt snel de bottleneck |
| Consumentenkaarten (RTX 5090 e.d.) | 32 GB | 575 W | Afgeraden voor productie: geen ECC, geen passieve koeling, licentiebeperkingen, geen serversupport |
Voorbehoud bij alle bedragen
De genoemde bedragen zijn indicatieve ordegroottes op basis van publieke lijstprijzen. Straatprijzen lopen sterk uiteen tussen losse kaarten en OEM-geïntegreerde servers, waar dezelfde kaart een veelvoud kan kosten. Een bindende prijs volgt uit een actuele leveranciersofferte op de uiteindelijk gekozen configuratie. Modelnamen zijn in dit document als klasse aangeduid, niet als product: de modelkeuze per tier wordt per implementatie vastgelegd met naam, versie, licentie en een eigen benchmark.
10 — Datacenter-randvoorwaarden
Hier stranden on-premises AI-projecten het vaakst
De servers passen wel in de meterkast, de warmte en het geluid niet. Alle elektrisch opgenomen vermogen komt er als warmte weer uit: 1 kW verbruik is 1 kW te koelen. Een standaard kantoor-serverruimte verwerkt zelden meer dan 3–5 kW per rack.
| Tier | Piekvermogen | Warmteafgifte | Aansluiting | UPS-autonomie |
|---|---|---|---|---|
| Tier 1 | 2,0–2,5 kW | ca. 8.500 BTU/h | 1× 16 A, bij voorkeur 2 gescheiden groepen | 10–15 min, genoeg voor nette afsluiting |
| Tier 2 | 10–14 kW | ca. 45.000 BTU/h | 2× 32 A, gescheiden fasen | 15–30 min; noodstroomaggregaat overwegen |
| Tier 3 | 35–60 kW | 120.000–205.000 BTU/h | A/B-feeds, 3-fasen, meterkast op datacenterniveau | Volledige redundantie, aggregaat vereist |
Koeling
Tier 1 kan in een goed gekoelde serverruimte met eigen airco-unit en gescheiden koude- en warmtezijde. Tier 2 vereist een ingerichte serverruimte met redundante koeling, warm/koudgangscheiding en temperatuurbewaking met alarm. Tier 3 vereist een echte datacenteromgeving; boven 30 kW per rack wordt vloeistofkoeling realistischer dan luchtkoeling. Stel een hardwarematige afschakeling in bij overschrijding van een temperatuurdrempel: GPU’s die thermisch terugschakelen leveren stilzwijgend minder prestaties, wat zich als een “traag systeem” manifesteert.
Ruimte en geluid
Passief gekoelde serverkaarten worden gekoeld door chassisventilatoren die onder belasting 70–85 dB(A) produceren. Dat is niet plaatsbaar in of naast een kantoorruimte: reken op een aparte, akoestisch gescheiden technische ruimte met eigen toegangscontrole. Ruimtebeslag: Tier 1 vraagt 4–6 HE in een bestaand rack, Tier 2 een volledig 42U-rack, Tier 3 twee tot drie racks plus ruimte voor koeling en distributie.
Fysieke beveiliging
On-premises verplaatst het risico van de cloud naar het gebouw. Afsluitbare technische ruimte met elektronische toegangscontrole en logging per persoon. Camerabewaking op de toegang, met eigen bewaartermijn en eigen grondslag in het verwerkingsregister. Afgesloten racks. Een procedure voor afvoer van opslagmedia: fysieke vernietiging of gecertificeerd wissen, met certificaat. Brandmelding en een blusvoorziening die geschikt is voor elektronica. Inbraakdetectie, gekoppeld aan het bestaande beveiligingssysteem van het pand.
Keuzemoment: eigen ruimte of colocatie
Voor Tier 2 en Tier 3 is een colocatierack in een Nederlands datacenter vaak goedkoper en betrouwbaarder dan het verbouwen van een eigen ruimte. De data blijft onder eigen beheer en op eigen apparatuur; alleen vloer, stroom en koeling worden ingekocht. Dit verandert wel de juridische analyse: fysieke toegang door derden vraagt om contractuele en technische waarborgen, en moet expliciet in de DPIA landen.
Beheertoegang. Out-of-band-beheer (BMC, iDRAC, iLO) staat op een eigen VLAN dat niet routeert naar het kantoornetwerk en niet naar internet. Standaardwachtwoorden op BMC’s zijn een van de meest misbruikte zwakke plekken in serveromgevingen; die worden bij installatie vervangen en in de secrets-kluis opgeslagen.
11 — Beschikbaarheid, back-up en herstel
Beschikbaarheid is een inkoopbeslissing, geen productkenmerk
| Tier | Opzet | Ontwerpdoel | Bij uitval |
|---|---|---|---|
| Tier 1 | Eén server, redundante voeding en schijven | 99,0–99,5% in kantooruren | Systeem ligt stil tot het onderdeel vervangen is; reserveonderdelen op locatie aanbevolen |
| Tier 2 | Meerdere knooppunten, gerepliceerde opslag | 99,5–99,9% | Capaciteit halveert, dienst blijft beschikbaar |
| Tier 3 | HA-clusters, redundant netwerk, tweede locatie | 99,9%+ | Automatische failover; uitwijk bij locatieverlies |
Deze cijfers zijn ontwerpdoelen, geen gegarandeerde servicenormen. Een harde SLA vraagt om meetbare definities, gemeten over een afgesproken periode.
Wat er geback-upt wordt
| Gegeven | Methode |
|---|---|
| Brondocumenten en werkduplicaten | Incrementele back-up met onveranderlijke bewaring |
| Vector- en lexicale index | Snapshot; bij verlies herindexeren vanaf de bron |
| Relationele database | Continue log-archivering, punt-in-tijd herstel |
| Auditlogs | Append-only, object lock, buiten bereik van beheerders |
| Configuratie en beleid | Versiebeheer in een repository, als code |
| Modelgewichten | Hashlijst plus kopie op koude opslag |
De index hoeft strikt genomen niet geback-upt te worden omdat hij uit de bron herbouwbaar is — maar herbouwen kost dagen. Een snapshot is dus een kwestie van hersteltijd, niet van gegevensverlies.
RPO en RTO
| Tier | RPO | RTO |
|---|---|---|
| Tier 1 | 24 uur | 1–5 werkdagen |
| Tier 2 | 1–4 uur | 4–8 uur |
| Tier 3 | 15 minuten | 1–2 uur |
Ransomware en interne fouten
3-2-1-1: drie kopieën, twee media, één buiten de locatie, één onveranderlijk of offline. Object lock met een bewaartermijn die ook een beheerder niet kan verkorten. Gescheiden beheerdersaccounts voor back-up en platform. Herstelproeven minimaal twee keer per jaar, met vastlegging van de gemeten hersteltijd — een back-up die nooit is teruggezet, is een aanname.
Onderhoud en levenscyclus
| Onderdeel | Verwachte levensduur | Planningspunt |
|---|---|---|
| GPU’s | 4–5 jaar | Snelste verouderingspunt; plan vervanging of uitbreiding in jaar 3–4 |
| Servers en CPU | 5–7 jaar | Garantieverlenging per jaar afwegen |
| NVMe-opslag | 5 jaar of de geschrevendatalimiet | Monitor de slijtage-indicator actief |
| UPS-accu’s | 3–5 jaar | Vaste vervangingsafspraak |
| Netwerkapparatuur | 7–10 jaar | Let op einde-ondersteuning voor firmware |
Neem vanaf dag één een onderhoudsvenster op: één avond per maand voor patches en één langer venster per kwartaal voor modelwissels en grotere upgrades.
12 — Observability, audit en bewijsbaarheid
Achteraf reconstrueerbaar: welke gebruiker, welk model, welke bron, welk antwoord
| Soort vastlegging | Doel | Bewaartermijn | Wie mag erbij |
|---|---|---|---|
| Operationele telemetrie | Prestaties, capaciteit, storingen | 30–90 dagen | Infrastructuurbeheer |
| Beveiligingslogging | Detectie, incidentonderzoek | 6–24 maanden | Security en CISO |
| Juridisch auditspoor | Verantwoording en reconstructie | Gelijk aan de dossierbewaartermijn | Audit- en privacyfunctie; beheerders niet |
De scheiding is niet cosmetisch: infrastructuurbeheerders moeten storingen kunnen oplossen zonder inzage in dossierinhoud, en het auditspoor moet buiten hun wijzigingsbereik liggen om bewijswaarde te houden. Regels worden aaneengeschakeld met een hashketen en weggeschreven naar onveranderlijke opslag.
Wat het auditspoor per verzoek vastlegt
- Tijdstempel uit een betrouwbare, gesynchroniseerde tijdbron
- Identiteit van de gebruiker en het gebruikte authenticatiemiddel
- Dossier of werkruimte waarbinnen het verzoek viel
- De gestelde vraag
- De opgehaalde documenten en chunks, met bron-ID en hash
- Het gebruikte model, de modelversie en de instructielaagversie
- Het toegepaste autorisatiebeleid en of er iets is geweigerd
- Het gegenereerde antwoord en de daarin opgenomen bronverwijzingen
De vijf auditvragen
Deze vijf vormen een bruikbare acceptatietest bij oplevering: kan het systeem ze niet binnen een paar minuten beantwoorden, dan is de logging niet af.
- Welke medewerkers hebben dossier X in de AI-omgeving geraadpleegd, en wanneer?
- Op welke passages baseerde het systeem die conclusie, en zijn die passages ongewijzigd?
- Welke modelversie draaide op de dag dat dit advies is opgesteld?
- Is er ooit een poging gedaan om een afgeschermd dossier te benaderen?
- Welke documenten zijn geëxporteerd, door wie, en naar waar?
Monitoring en alarmering
| Signaal | Drempel | Reactie |
|---|---|---|
| Uitgaande verbindingspoging vanuit inferentie- of datazone | Elke poging | Onmiddellijk alarm, verkeer geblokkeerd |
| Mislukte autorisatie op afgeschermd dossier | 1 poging | Melding aan security en dossierverantwoordelijke |
| Massale export of download | Boven de ingestelde dagnorm | Blokkade plus vierogencontrole |
| GPU-temperatuur of thermische terugschakeling | Boven fabrieksdrempel | Capaciteitsalarm |
| Modelantwoorden zonder bronverwijzing | Boven 2% van de antwoorden | Kwaliteitsonderzoek |
| Latentie per verzoek | Boven afgesproken norm | Capaciteitsalarm |
| Wijziging in autorisatiebeleid | Elke wijziging | Melding plus verplichte tweede goedkeuring |
13 — Juridisch en compliancekader · stand per 14 oktober 2026
On-premises vereenvoudigt de compliance, maar neemt haar niet weg
| AVG-verplichting | Wat on-premises oplost | Wat de organisatie zelf moet doen |
|---|---|---|
| Art. 5 — beginselen | Dataminimalisatie afdwingbaar via retrieval-scoping | Grondslag, doelbinding en bewaartermijnen per verwerking vaststellen |
| Art. 25 — privacy by design | Egressblokkade, need-to-know, pseudonimisering in de pipeline | De standaardinstellingen daadwerkelijk restrictief kiezen |
| Art. 28 — verwerkers | Geen verwerker voor de inferentie zelf | Wél verwerkersovereenkomsten met leveranciers van onderhoud, colocatie en support |
| Art. 30 — register | Technische beschrijving per pipeline beschikbaar | Het register zelf bijwerken met de nieuwe verwerkingen |
| Art. 32 — beveiliging | Encryptie, segmentatie, logging, toegangsbeheer | Periodieke toetsing en pentests |
| Art. 35 — DPIA | Documentatiepakket als basis | DPIA uitvoeren en vaststellen; bij AI op bijzondere gegevens vrijwel altijd verplicht |
| Art. 44 e.v. — doorgifte | Geen doorgifte buiten de EER | Let op support op afstand door niet-EER-leveranciers |
Het weglaten van een cloudverwerker verkleint het risico op onrechtmatige doorgifte, maar maakt geen van bovenstaande verplichtingen overbodig.
EU AI-verordening — tijdlijn na de Digital Omnibus
De Digital Omnibus on AI is bekendgemaakt als Verordening (EU) 2026/1744 en op 27 juli 2026 in werking getreden. Daarmee verschuiven de verplichtingen voor hoog-risico AI uit bijlage III van 2 augustus 2026 naar 2 december 2027, en die voor hoog-risico AI ingebed in gereguleerde producten onder bijlage I van 2 augustus 2027 naar 2 augustus 2028.
| Verplichting | Status |
|---|---|
| Verboden AI-praktijken | Van kracht sinds 2 februari 2025 |
| AI-geletterdheid (art. 4) | Van kracht sinds 2 februari 2025 |
| Aanbieders van GPAI-modellen | Van kracht sinds 2 augustus 2025 |
| Transparantie (art. 50) | Van kracht sinds 2 augustus 2026; niet uitgesteld |
| Hoog-risico, bijlage III | Uitgesteld naar 2 december 2027 |
| Hoog-risico, bijlage I | Uitgesteld naar 2 augustus 2028 |
Of het systeem zelf hoog-risico is, hangt af van de concrete inzet. Bijlage III omvat onder meer rechtshandhaving en rechtsbedeling; een systeem dat een rechterlijke instantie ondersteunt bij het onderzoeken en uitleggen van feiten en recht valt daar eerder onder dan een hulpmiddel in handen van een verdediging. Dit vraagt per klant om een expliciete classificatie onder artikel 6. Die classificatie kan niet worden uitgesteld: het uitstel betreft de verplichtingen, niet de vraag of het systeem eronder valt.
Wpg en Wjsg
Voor politiegegevens en justitiële en strafvorderlijke gegevens geldt niet de AVG maar een eigen regime, met eigen grondslagen, bewaartermijnen, verstrekkingsregels en auditverplichtingen. Het platform bepaalt per gegevensverzameling welk regime van toepassing is en past het bijbehorende beleid toe. Twee veelgemaakte fouten die het systeem actief voorkomt: AVG-inzageregels toepassen op Wpg-gegevens, en beide regimes vermengen in één index.
Cyberbeveiligingswet (NIS2)
De Cyberbeveiligingswet is op 15 augustus 2026 in werking getreden, gelijktijdig met de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten. Er is geen algemene overgangsperiode. Kernverplichtingen zijn registratie bij de toezichthouder, een zorgplicht voor risicobeheersing en een meldplicht met een vroegtijdige waarschuwing binnen 24 uur en een incidentmelding binnen 72 uur. Organisaties in de aangewezen sectoren hebben daarmee een al lopende verplichting waarop het platform kan aansluiten; via de ketenverantwoordelijkheid krijgen hun leveranciers indirect met dezelfde eisen te maken.
Advocatengeheim en beroepsregels
Het beroepsgeheim en het verschoningsrecht rusten op de advocaat, niet op het systeem. Een AI-hulpmiddel dat cliëntgegevens verwerkt valt binnen de praktijkvoering van de advocaat en daarmee onder diens zorgplicht en de beroepsregels over vertrouwelijkheid en uitbesteding. On-premises verwerking maakt het aanzienlijk eenvoudiger om aan die zorgplicht te voldoen, omdat er geen derde is met feitelijke toegang tot de gegevens. Het ontslaat de advocaat niet van de eigen beoordeling.
14 — Implementatie, beheer en SLA
Acht fasen, en wat er van de klant wordt verwacht
| Fase | Duur | Wat er gebeurt | Wat de klant levert |
|---|---|---|---|
| 0. Vooronderzoek | 1–2 weken | Inventarisatie databronnen, gebruikersaantallen, ruimte, stroom; keuze tier | Toegang tot IT, FG en een inhoudelijk eindgebruiker |
| 1. Ontwerp | 1–2 weken | Architectuur, autorisatiemodel, DPIA-input, acceptatiecriteria | Goedkeuring architectuur en autorisatiematrix |
| 2. Levering en installatie | 3–8 weken | Hardware besteld, geplaatst, gekoppeld, gehard | Serverruimte, stroom, netwerkpoorten |
| 3. Basisplatform | 1–2 weken | Orkestratie, IAM, opslag, monitoring, back-up | Koppeling identity provider |
| 4. Eerste pipeline | 1–2 weken | Eén bron volledig geïndexeerd, inclusief ACL’s | Testdossiers en een inhoudelijke reviewer |
| 5. Inhoudelijke afstemming | 2–3 weken | Lagen geactiveerd, evaluatieset opgebouwd, kwaliteit getoetst | Juridische beoordeling van de uitkomsten |
| 6. Pilot | 2–4 weken | Beperkte groep gebruikers, meting en bijstelling | 5–10 gebruikers die daadwerkelijk tijd vrijmaken |
| 7. Uitrol | 2–4 weken | Overige bronnen, alle gebruikers, opleiding | Communicatie en opleidingstijd |
| 8. Overdracht | 1 week | Documentatie, beheeroverdracht, acceptatie | Beheerder aangewezen |
Opleiding
| Doelgroep | Omvang | Inhoud |
|---|---|---|
| Eindgebruikers | 2 × 2 uur | Vraagstelling, bronverwijzingen controleren, grenzen van het systeem, wanneer je het niet gebruikt |
| Dossierverantwoordelijken | 2 uur | Autorisaties, afscherming, werkruimtes |
| Beheerders | 2 dagen | Platformbeheer, modeluitrol, monitoring, incidentafhandeling |
| FG en privacy officer | 0,5 dag | Logging, DPIA, inzageverzoeken op het systeem zelf |
De AI-geletterdheidsverplichting uit artikel 4 AI-verordening geldt al sinds februari 2025; deze opleidingscomponent is dus geen extraatje maar invulling van een bestaande plicht.
Beheermodellen
| Model | Geschikt voor |
|---|---|
| Zelfbeheer | Organisaties met een eigen infrastructuurteam; ondersteuning op afroep |
| Beheerd op afstand | Middelgrote kantoren zonder eigen Linux-expertise; via een beveiligde, gelogde verbinding, zonder inzage in dossierinhoud |
| Volledig beheerd op locatie | Organisaties met de strengste eisen; vaste onderhoudsdagen, geen externe toegang |
SLA-opbouw
| Niveau | Reactie | Herstel | Venster |
|---|---|---|---|
| Basis | 8 werkuren | Inspanning | Werkdagen 9–17 |
| Zakelijk | 4 werkuren | 1 werkdag | Werkdagen 8–18 |
| Kritiek | 1 uur | 4 uur | 24/7, reserveonderdelen op locatie |
Hardwarevervanging binnen vier uur vereist een onderhoudscontract van de hardwareleverancier zelf, of reserveonderdelen in eigen beheer. Dat is een aparte kostenpost die in de offerte apart zichtbaar wordt gemaakt.
15 — Totale kosten en vergelijking met cloud
Het koopargument is niet “goedkoper”, maar beheersbaar risico tegen voorspelbare kosten
Kostenstructuur over vijf jaar — rekenvoorbeeld Tier 2
| Post | Jaar 1 | Jaar 2–5 p.j. | Vijf jaar |
|---|---|---|---|
| Hardware (afgeschreven aanschaf) | € 265.000 | — | € 265.000 |
| Implementatie en inrichting | € 60.000–120.000 | — | € 90.000 (middenwaarde) |
| Energie (12 kW gem. 60% belast, € 0,20/kWh) | € 12.600 | € 12.600 | € 63.000 |
| Koeling (ca. 35% opslag op energie) | € 4.400 | € 4.400 | € 22.000 |
| Colocatie of ruimtekosten | € 12.000 | € 12.000 | € 60.000 |
| Onderhoudscontracten hardware | € 18.000 | € 18.000 | € 90.000 |
| Beheer (0,5 fte intern of beheercontract) | € 55.000 | € 55.000 | € 275.000 |
| Softwarelicenties en support | € 25.000 | € 25.000 | € 125.000 |
| GPU-vervanging of uitbreiding in jaar 4 | — | — | € 80.000 |
| Totaal | circa € 1.070.000 |
Bij 60 actieve gebruikers komt dat neer op ongeveer € 3.570 per gebruiker per jaar, ofwel € 297 per maand. Bij 120 gebruikers op dezelfde hardware halveert dat. Dit is een rekenstructuur op basis van aannames die per klant verschillen, bedoeld als basis voor een offerte — geen prijslijst.
Vergelijkingsassen tegenover cloud-AI
| As | On-premises | Cloud-AI-dienst |
|---|---|---|
| Kostenstructuur | Grote investering vooraf, lage marginale kosten | Geen investering, kosten groeien met gebruik |
| Voorspelbaarheid | Vast; verbruik beïnvloedt de rekening niet | Variabel; intensief gebruik is direct zichtbaar |
| Omslagpunt | Vanaf ruwweg 40–80 intensieve gebruikers gunstiger | Gunstiger bij lage of onregelmatige volumes |
| Dataresidentie | Volledig in eigen beheer | Afhankelijk van contract en vestigingsplaats van de aanbieder |
| Modelversnelling | Upgrade is een eigen project | Nieuwe modellen direct beschikbaar |
| Topkwaliteit van het model | Beste open-weight modellen | Doorgaans een stap voor op open-weight |
| Schaalpieken | Begrensd door de gekochte capaciteit | Vrijwel onbegrensd |
| Exit | Hardware en data blijven van de organisatie | Afhankelijk van exportmogelijkheden |
| Beheerslast | Eigen verantwoordelijkheid | Bij de aanbieder |
Marktbenchmark per gebruiker per maand
| Variant | Prijsmodel | Per gebruiker per maand | Dossiers staan bij |
|---|---|---|---|
| Legal AI-assistent, NL-markt | Abonnement per seat | circa € 59 | de aanbieder |
| Legal AI-platform, NL-markt | Abonnement per seat | € 175 – € 200 · marktbreed € 100 – € 300 | de aanbieder |
| Internationale platforms | Per seat, minimum 10–25 seats | schattingen $ 250 – $ 1.200+ | de aanbieder |
| LEX SUPREMA Tier 2 | Eigen bezit, vaste kosten | circa € 297 bij 60 · circa € 149 bij 120 | de organisatie zelf |
Twee dingen vallen hier op. Ten eerste ligt eigen bezit per gebruiker in dezelfde orde als een platformabonnement zodra het aantal gebruikers richting de zestig loopt, en eronder zodra het daarboven uitkomt. Ten tweede is het bedrag vast: de markt beweegt naar facturering op daadwerkelijk verbruik — Legora kondigde die omslag in juni 2026 aan voor zijn geavanceerdste product, en kantoren houden rekening met twee tot drie keer hogere AI-kosten voor wie de beste modellen wil blijven gebruiken. Op eigen hardware koopt u capaciteit, geen tokens.
Bronnen: tariefindicaties per gebruiker per maand uit onderzoek van ICTRecht, weergegeven door Mr. Online; de bandbreedte van € 100 – € 300 en de aangekondigde overstap naar verbruiksfacturering uit berichtgeving van het FD, 29 juni 2026. Bedragen van internationale aanbieders zijn schattingen van derden; die partijen publiceren hun tarieven niet. De bedragen voor LEX SUPREMA volgen uit het kostenmodel hierboven en zijn geen prijslijst.
De kostenposten die meestal worden vergeten
- Beheer: structureel 0,3–1,0 fte, afhankelijk van tier. Dit is de grootste post na de hardware.
- De initiële indexering: tijdelijke rekencapaciteit of een paar weken wachttijd.
- Opleidingstijd van de eindgebruikers, gemeten in declarabele uren.
- GPU-vervanging rond jaar vier; de hardwarecyclus van AI is korter dan die van gewone servers.
- Jaarlijkse pentest en toetsing van de maatregelen.
- Verbouwing van de serverruimte, als er geen geschikte ruimte is.
16 — Risico’s en beperkingen
Wat elke koper binnen drie maanden tegenkomt
Inhoudelijke beperkingen
| Beperking | Wat het betekent | Beheersing |
|---|---|---|
| Open-weight modellen lopen achter op de beste gesloten modellen | Bij de allermoeilijkste redeneertaken is het verschil merkbaar | Mensen in de lus; het systeem levert concepten, geen eindproducten |
| Hallucinaties zijn beperkt, niet uitgesloten | Een onjuiste bewering kan er overtuigend uitzien | Bronverplichting, citaatverificatie, tegenanalyse, verplichte controle door een jurist |
| Nederlandse juridische taal is een niche | Minder trainingsmateriaal dan Engelstalig recht | Eigen evaluatieset, retrieval op geverifieerde Nederlandse bronnen |
| Jurisprudentie veroudert | Een offline bronnenbibliotheek loopt per definitie achter | Vaste actualisatiecyclus met vastgelegde peildatum, zichtbaar in elk antwoord |
| Kwaliteit hangt af van de dossierkwaliteit | Slecht gescande stukken geven slechte analyses | OCR-kwaliteitscontrole met markering van onbetrouwbare pagina’s |
Technische en operationele risico’s
| Risico | Impact | Beheersing |
|---|---|---|
| Afhankelijkheid van één leverancier van GPU’s | Levertijd en prijs buiten eigen invloed | Vroeg bestellen; alternatieve configuraties in de offerte |
| Beheerscapaciteit ontbreekt bij de klant | Systeem veroudert en wordt onveilig | Beheercontract als voorwaarde bij Tier 1 en 2 |
| Serverruimte blijkt ongeschikt | Project loopt maanden vertraging op | Ruimteschouw in fase 0, vóór de offerte |
| Initiële indexering duurt langer dan verwacht | Teleurstellende start | Gefaseerde uitrol per archief; verwachtingen vooraf vastleggen |
| Autorisaties in het bronsysteem zijn rommelig | AI maakt bestaande toegangsproblemen zichtbaar en erger | Autorisatieschoning als expliciete projectfase, vóór indexering |
| Lage adoptie | Investering rendeert niet | Pilot met echte dossiers en een inhoudelijke ambassadeur |
Het vijfde risico verdient bijzondere aandacht. Veel organisaties hebben jarenlang gewerkt met open netwerkschijven waarop iedereen alles kan. Een zoeksysteem maakt die rommel bruikbaar, en daarmee gevaarlijk. Autorisatieschoning is daarom geen optionele voorbereiding maar een voorwaarde.
Offerte en vooronderzoek
Een offerte begint met een ruimteschouw, niet met een configuratie
Lever ons het aantal gebruikers, de omvang van het documentarchief, de bronsystemen en een beschrijving van de beschikbare serverruimte, en u krijgt een onderbouwde configuratie met een bandbreedte — plus een eerlijk antwoord op de vraag of on-premises in uw situatie de juiste keuze is.
Privacy Solid
Daniel de Rijk — CDPO, Functionaris Gegevensbescherming en cybersecurityconsultant.
